Als mensen om mij heen horen dat Ferry brandweerman is, krijg ik vaak direct de vraag: “Maar vind je dat dan niet gevaarlijk?” Ik kan dat beantwoorden met een volmondige ‘nee’. Toch stond ik niet te springen toen Ferry in januari 2003 aankondigde dat hij bij de vrijwillige brandweer wilde…
Oom Bart
“Nee, dat ga je niet doen”, mijn eerste woorden moeten in die strekking zijn geweest. Ik heb een oom, mijn geliefde oom Bart, die al jaren met veel passie het brandweervak uitoefent. Trots als een pauw ben ik altijd geweest op mijn jongste oom (nu 42), maar… Ik zag ook hoe vaak hij weg was. Oefening daar, cursus hier, oproepbaar en het bleef aantikken. En Ferry en ik waren nog niet zo lang samen, en eerlijk is eerlijk, ik had hem liever naast me op de bank. Ik zag het niet zitten dat hij keer op keer weg was. Dus nee, geen vrijwilliger als het aan mij lag, dat was mijn eerste reactie. De mensen om hem heen waren verbaasd, hoe kon ik hem tegenhouden als hij dat echt wilde. Het zou toch wel meevallen?
Een half jaar later
In mei dat jaar deed Ferry toch de keuring en omdat hij graag wilde, was mijn enthousiasme er inmiddels wel. Weliswaar met duidelijke afspraken en grenzen, zodat hij niet altijd weg zou zijn. In september begon zijn opleiding en een paar maanden later had hij zijn pieper op zak. Vanaf dat moment was ik een brandweervrouw, en het wende snel. Sterker nog: zijn vaste avond, woensdagavond, werd mijn eigen avond, een avond waar ik van genoot.
De mensen om hem heen begrepen nu eindelijk wel waar ik het over had. Het bleek namelijk heel vervelend als Ferry een pieper bij zich had op een verjaardag en werd opgepiept. Dan was de brandweer opeens minder leuk. Maar goed, het is een baan met verantwoordelijkheden en dan hoort dat er ook bij. Dat had men alleen niet beseft…
Zes jaar later
We zijn zes jaar verder, inmiddels is hij beroeps. Het vrijwilligerswerk heeft hij laten varen, dat werd te veel. Brandweer zit hem in zijn bloed. Vanmorgen gingen we naar de kazerne, zoonlief van de baas een rondleiding geven – daarover later meer. Zodra hij de kazerne binnen stapt, is het zijn domein. De tankautospuit behandelt hij met liefde en passie en zijn gezicht straalt. Ik kijk trots naar hem en denk ‘Ja, dit is zijn ding, dat ik dit ooit niet wilde…
Of ik echt nooit bang ben?
Zelden. Ik kan de keren op één hand tellen denk ik. Ik weet nog dat hij net vrijwilliger was en als de pieper ging wilde hij zo snel mogelijk naar de kazerne, want alleen de eerste zes konden mee. Vol adrenaline reed hij dan naar de kazerne. Dat, dat kleine stukje, vond ik gevaarlijker dan het werk zelf. En ik kan me nog een keer herinneren dat hij een oefenavond had en hij was laat. Opeens sloeg de angst me om het hart, ik werd misselijk en ik wist zeker dat er wat met hem was gebeurd. Half huilend en verward – ik was vast ongesteld – sprak ik zijn voicemail in. Hij zal wel gedacht hebben…
Zoals rokers zeggen: “Liever kort geleefd, maar goed geleefd”, zo geldt dat ook voor Ferry en de brandweer. Ja, er kan hem wat overkomen. Ja, er zitten risico’s aan het vak. Maar hij is gelukkig met wat hij doet, en dat zie je voor 300%. Dat kleine beetje gevaar neem ik voor lief.







februari 28th, 2009 op 18:26
Leuke blog !! en erg mooi verwoord
Dikke kus.
maart 1st, 2009 op 21:02
Heel mooi stuk! Je mag trots zijn op je vent!
Iedereen zou moeten doen wat ie het liefste doet, dat gebeurt veels te weinig.
maart 9th, 2009 op 16:45
Hey Lau,
Leuke blog!
En hij is echt goed in het vak “Brandweer”!
Hij wordt een goede instructeur..
Groetjes,
Olaf
maart 17th, 2009 op 17:52
Ach, ik ben getrouwd met een (oud) marinier. Het kan dus nog gevaarlijker. Als mijn man nu zou zeggen dat hij bij de brandweer zou gaan, zou ik er niet van opkijken. Voor zijn standplaats als politieagent, koos hij namelijk niet voor niets voor de Bijlmer. Hij zoekt het avontuur graag op. Maar hij heeft een groot verantwoordelijkheidsgevoel, dus bang zal ik nooit zijn.
oktober 28th, 2010 op 15:46
Heerlijke blog, en zeker herkenbaar!
Grt Arjan