Geplaatst op 29 juni 2010 door Laura
Als meisje van 12 vond ik het maar saai: een vader die schroefjes en zagen verkoopt. Geen politieagent met spannende verhalen of eentje die de wereld ‘beter’ maakte. Nee, mijn vader had een in mijn ogen stoffige winkel met allemaal dingen waar je toch niets mee kunt. Negentien jaar later kom ik er dan toch nog achter dat het verdomd handig kan zijn…
Natuurlijk was ik me er van bewust – ook al toen ik 12 was – dat mijn vader meer deed dan schroefjes en zagen verkopen. Hij voorzag bedrijven van machines, adviseerde mensen over het beveiligen van woningen (of was dat pas later, pap?) en als de letterlijke klap op de vuurpijl verkocht hij vuurwerk. In december was mijn vader opeens wel heel stoer en had ik een stuk meer vriendjes. Vriendjes waar je logischerwijze niets mee kan, stomme profiteurtjes. Maar dat terzijde.
De zakelijke papa
In de jaren die volgde werd ik me er ook steeds meer bewust van dat mijn vader geen sullige schroefjesverkoper was, mijn vader was meer. Of is meer eigenlijk. Hij is een geweldige zakenman, die kansen in de markt op het goede moment aanvoelt. Die snapt dat je het in bepaalde tijden niet meer moet hebben van de traditionele spijkers, want daar heb je tegenwoordig toch (sorry pap, dat ik vloek) de Praxis en de Gamma voor? Lees verder
Geplaatst op 27 juni 2010 door Laura
Ik ben niet gelovig opgevoed, maar als mijn schoonmoeder belt en zegt dat de sacramenten later die dag door de dominee worden voorgedragen bij Ferry’s oma, dan weet ik genoeg. We gaan afscheid nemen nu het nog kan. Nu ze nog enigszins bij is, want de dosis morfine wordt steeds hoger.
Toch voel ik me raar als we er heen rijden. Oma is op en het is goed, ze mag gaan. Maar hoe neem je afscheid van iemand? Ik weet het niet. Ik heb het namelijk nog nooit gedaan. Toen ik vijf was overleed opa R. Opa R. was al heel lang ziek en lag er slecht bij. Hij wilde niet dat zijn nog jonge kleinkinderen daarmee geconfronteerd werden en we mochten niet meer bij hem op bezoek komen. Opa T. overleed toen ik zeven was. Vrij onverwachts! Ik was nog bij hem langs geweest, maar dat was een vrolijk bezoek. Het hartinfarct had hem er niet ondergekregen en na het weekend zou hij naar huis mogen. Tot hij instortte die vrijdag… Lees verder
Geplaatst op 27 juni 2010 door Laura
Hoewel die onromantische vent van mij niets heeft met 25 juni (in de zin van: “Ja, het was ooit de dag dat we samen kwamen, maar is dan die dag zoooo belangrijk?”) zorg ik er wel voor dat we elk jaar wat leuks gaan doen. Vorig jaar zaten we bij toeval in Zweden, nu togen wij naar Brussel.
Had ik eerder geweten wat voor weer het dit weekend zou zijn, dan had ik het denk ik niet geboekt. Hitte, steden en wij: dat gaat niet echt samen. Zo vluchtten we eerder al – getergd door ruim 30 graden – weg uit Stockholm. Maar geboekt is geboekt en dan zouden we maar in de parken gaan zonnen, en zuipen op terrasjes. Hoewel ik niet van alcohol houd…
Parkeerperikelen
Ik zei het al: hitte en wij gaan niet goed samen. Beiden raken we dan geïrriteerd, om kleine dingen en om elkaar. En dat begon goed in Brussel. We parkeerden voor de deur, te vroeg om in te checken. Maar goed, dump je bagage, zet je auto in de garage van het hotel en trek de stad in. Goed plan toch? Maar dit wat ze noemen een ****-hotel dwarsboomde deze plannen met een simpele zin: “Onze parkeergarage is het weekend volgeboekt.” Lees verder
Geplaatst op 25 juni 2010 door Laura
Daar stond hij dan. Voor de voordeur van mijn ouderlijke huis. Hij vroeg niet netjes of hij binnen mocht komen, maar begon me meteen te zoenen (en zoenen kan hij!). Een paar uur later vertrok hij en vanuit de auto stuurde hij een smsje: “Wil je mijn vriendinnetje zijn?”.
Hoewel dit moment vandaag precies negen jaar geleden is, staat het me nog helder voor de geest. Zijn grijze afritsbroek, zijn witte shirt en zijn ‘duikschoentjes’. Zijn haar langer dan dat het nu is, maar wel net zo zongebruind als nu, waardoor zijn lichte ogen des te meer opvielen. Zijn afritsbroek heeft die negen jaar niet overleefd – zijn shirt en duikschoentjes overigens ook niet – maar verder is hij uiterlijk gezien eigenlijk dezelfde jongen gebleven. Nog steeds net zo lekker!
Negen jaar, het is niet niets
Van de week las in een Chinees gezegde: Seeing eachother may be good, living together can be difficult. Zoals in elke relatie hebben wij ook onze slechte momenten gekend, samenwonen was niet altijd koek en ei. Ook wij hebben tegen elkaar getierd, tranen hebben er zeker gevloeid (met name van mijn kant, want ik ben goed in janken), deuren zijn met forse kracht dichtgegooid en ik heb regelmatig de handdoek in de ring willen gooien. Met servies gooien deden we echter niet. En altijd vonden we elkaar weer, want een leven zonder elkaar was toch niet wat we wilden. Hij droogde mijn tranen, ik maakte hem aan het lachen. We deukten het deukje uit en gingen er weer fris tegenaan. Lees verder
Geplaatst op 23 juni 2010 door Laura
Weet je nog, die hond van de buren, die zo nu en dan bij ons in de tuin springt? Die doet dat nog steeds zo nu en dan. En de ballen vliegen ons tegenwoordig ook al om de oren. Maar als je daar iets van zegt ben je asociaal en een slecht voorbeeld voor de kinderen.
Kan dat, klagen over je buren op het net?
Wel als je de waarheid vertelt toch? De waarheid: we hebben die hond al minstens 12x in de tuin gehad, we hebben er een keer of drie wat over gezegd en er worden beloftes gedaan, maar beter wordt het niet. Dat bakbeest – want hij is echt huge, ook al is hij pas een half jaar – springt nog steeds rustig op onze dure tuinmeubels met onze mooie kussens. Met zijn zandpoten. En dat nu al een keer of 12, minstens… Met in mijn achterhoofd dan ook nog het verhaal van de oud-bewoners die van de week vertelde dat hun vorige hond (weliswaar drie slagen kleiner) ook altijd deze tuin in kwam, ben ik er klaar mee.
Rustig eten?
Maar vandaag was het geen hond die me irriteerde, het was een bal. Terwijl we rustig tapas aan het eten waren – en ik had me er zo op verheugd, maar het werd drastisch verpest – belandde er een bal midden in mijn gezicht. Geen actie van een jochie van een jaar of drie, want de heg is 2,5 meter hoog. Op dat moment denk ik niet: “Laat ik die bal meteen teruggeven”. Nee, dan ben ik er even klaar mee en ga ik rustig eten. Met pijn aan mijn hoofd weliswaar. Lees verder