Lieve, sullige Quinten

Zijn droopy-ogen maakten dat ik niet boos op hem kon worden. Zijn sullige overkomen en zijn enthousiasme gespring, stalen ieders hart. Quinten – onze pleegpup voor een jaar, zoals ik het nu maar noem – was een hond uit duizenden. En toch kon hij niet bij ons blijven…

Ferry en ik zijn beiden van jongs af aan hondengek, hoewel we beiden nooit een hond thuis hadden. Toch was voor ons snel duidelijk dat bij ons thuis wel een hond zou komen. In 2002 gingen we samenwonen en in 2003 kozen we bewust voor een hond. Beiden werkten we vier dagen, dus er waren drie dagen overlap, waarvan hij één dag in de week naar de hondendagopvang zou gaan. Prima geregeld!

We kozen niet voor een ini-mini-pup, er was dat jaar geen mogelijkheid om lang vakantie te nemen om hem zindelijk te maken en te laten wennen. Dus we zochten op internet naar een wat ouder hondje. Uiteindelijk vonden we Quinten. Zijn vrouwtje was overspannen en de dokter had gezegd “Neem een hond, ga lekker wandelen”. Uiteindelijk bleek ze dat niet te kunnen en de man des huizes leek het verstandig een nieuw huisje te zoeken. Quinten was toen 4,5 maand. We gingen hem ophalen in Westervoort en waren meteen verliefd.

Wennen was het wel. Voor hem, want jemig, die lift was wel eng. En ja, dat grasveld was even verder weg. Zeker als je bedenkt dat hij daarvoor in de tuin werd uitgelaten… Ook voor ons was het wennen. Quinten had namelijk de gewoonte elke ochtend om 04.00 uur wakker te worden en dan moest hij uit. De ochtend was mijn buurt (Ferry liet hem tussen de middag en na het werk uit) en langzaam raakte ik gesloopt. Kon hij niet eens uitslapen?

Al snel bleek dat hij niet zomaar elke morgen zo vroeg wakker werd. Hij had problemen met zijn spijsvertering. Daar kwamen we langzaam achter. Ik herinner me nog de eerste keer. Ferry kwam thuis en het hele huis zat onder de hondenpoep. En hoewel je dan schrikt en ook om de hond denkt, loop je wel even te vloeken. Maar goed, hond kan een keer een griepje hebben. Helaas gebeurde dit daarna meer dan wekelijks. En Quinten werd steeds magerder, en de dierenartsen vonden maar geen oorzaak. Ik zag Quinten wegkwijnen. Gezond was het niet dat een pup van ruim een half jaar niet uit zijn bench kwam, of van de bank kwam, als je thuiskwam… Huilend heb ik de dierenarts aan de telefoon gehad, omdat het zo’n pijn deed Quinten zo te zien.

Na een laatste onderzoek kwam eruit dat zijn alvleesklier niet goed was. Aangeboren of door een trap van zijn overspannen bazin? Wij vermoeden het laatste. Hij kreeg medicijnen, maar helaas bleef hij 1x per week ziek. Toch de stress van niet naar buiten kunnen? En als ik dan bij hem bleef, voelde ik me schuldig naar het werk. Ging ik naar mijn werk, voelde ik me schuldig naar Quinten.

Ondertussen werd ik zelf ook nog chronisch ziek (ook darmklachten trouwens) en de stress was voor mij teveel. Ferry hakte de knoop door: hoeveel we ook van Quinten hielden, we moesten op zoek naar een ander baasje. Eentje waar altijd iemand thuis was. Ik zie me nog huilend op de bedrand zitten, we konden Quinten toch niet weg doen? Rationeel wist ik overigens wel dat het de enige oplossing was, maar au wat deed dat pijn.

En de reacties in de omgeving deden pijn. “Ja, dat weet je als je aan een hond begint” of “Het kan ook niet goed gaan zo op een flat”. Nog erger “Je kan een hond niet zomaar weg doen als je hem zat bent.” We waren het niet zat, maar hij kon zo niet gelukkig zijn. We deden het bovenal voor hem, niet voor onszelf. Gelukkig snapten de mensen die dicht bij ons stonden het wel, ik kan me zelfs nog een mailtje herinneren, “Lau, ik vroeg me al of hoe lang jij en Ferry dit vol zouden houden”. Wat was dat mailtje van Wieke, columniste bij Libelle, een opsteker. We deden hem echt niet te makkelijk weg! (en stiekem ben ik vandaag de dag ook nog steeds blij dat we de keuze hebben gemaakt hem weg te halen bij het gezin waar hij zat, ik wil niet weten hoe het hem anders was vergaan)

We zochten een nieuw gezinnetje via internet, het asiel was een no go voor ons. We vonden snel een gezinnetje, in Heerhugowaard. Deze mensen hadden al een hond, maar de weinige keren dat ze van huis waren (vrouw des huizes werkte thuis), was de hond enkel aan het blaffen. Ze zochten dus een tweede hond als speelmaatje, en de man had ervaring met golden retrievers. Uiteraard hebben we verteld over zijn ziekte en dat vonden zij geen probleem.

En dus zijn we hem twee dagen later gaan wegbrengen. Om de een of andere reden was het voor mij belangrijk om te zien waar hij terecht kwam, en gelukkig beviel dat. Ze waren meteen allemaal dol op hem. Na ja, allemaal… Niet de andere hond, want die was op dat moment schijnzwanger, goede timing. Vlak voordat we weggingen vroegen ze ons of we echt niet wat voor de hond wilden hebben. Toen brak ik en zei snikkend “Ik wil dat hij zijn medicijnen krijgt…”. Een echt afscheid hebben we niet gehad, de zoon des huizes waren al met hem wandelen. En stiekem was dat maar goed ook, hij had het nooit gesnapt als hij ons zag weggaan.

Een week na afscheid belden ze me op. Even schoot er door me heen dat ze van hem af wilden, dat dat ziek zijn toch maar lastig was. Maar ze belden om te vertellen dat het goed ging en dat hij dikke maatjes was met de andere hond. Zo kreeg ik nog een paar telefoontjes, en alle keren ging het goed. Minder stress en minder vaak alleen thuis deden hem goed. Ik baalde enorm dat wij dat niet konden bieden, maar was zo blij dat we dit gezin hadden gevonden.

Een jaar na vertrek wilde ik ze nog eens mailen, maar het adres bestond niet meer. Bellen vond ik een stap te ver gaan, het was nu hun hond. En daarbij: liever had ik dat goede beeld in mijn hoofd, als ik dan anders zou horen, zou ik me weer ellendig voelen. En wie schiet daar wat mee op?

Inmiddels is het al weer zes jaar geleden dat Quinten bij ons kwam en ruim vijf jaar geleden dat hij wegging. Gisteren vond ik oude camerabandjes. Wisten wij veel dat we zoveel van hem hadden gefilmd. Vertederd keken we naar de beelden en ik besloot een compilatie te maken van Quinten, ons lieve pleeghondje voor een jaar.

  5 comments

  1. Puck   •  

    Wat een lieverd! Ik ben ook gek op honden, sinds ik m’n angst overwonnen heb. Misschien is het een idee om 2 kleinere hondjes te nemen? Wij wonen ook op een appartement en hebben 2 kleine hondjes, echt van die schoothondjes. Superlief en niet groot genoeg om de boel te kunnen afbreken. Daarnaast hebben ze genoeg beweging in ons appartement en gezelschap aan elkaar. En, een van de belangrijkste dingen, ze kunnen het ook goed vinden met de retriever van mijn ouders, die dus echt 10x groter is dan hen. Zo kunnen we, als we eenmaal groter wonen ook een echte hond nemen (zoals mijn vriend het zegt), naast onze 2 levende knuffels…

  2. danielle   •  

    Wat een prachtig beest!!!

  3. Joyce   •  

    Wat een verhaal 🙁 Hopelijk gaat het nog steeds heel goed met hem!

  4. She   •  

    Het filmpje had ik gisteren al gezien, maar het logje nog niet gelezen. Was benieuwd naar het verhaal. Kan me voorstellen dat jullie hem weg moesten doen en het is goed dat jullie hem bij zijn vorige bazen weghaalden. Met een omweg is hij vast heel gelukkig geworden!

  5. Agaatt   •  

    Stil van…zo mooi dat jullie voor zijn geluk kozen…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *