Hoe tolerant ben jij naar andermans huisdieren, kinderen en andere sores?

Soms voer je discussies met vrienden, collega’s, online contacten en vraag je je af of je gek bent. Of je niet tolerant genoeg bent. Of je irritatiegrens laag is. Je wordt haast voor aansteller uitgemaakt als je ergens een sterke mening over hebt. En dus dacht ik, lieve bloglezers, ik leg het eens voor aan jullie.

Hoe ga je om met ‘overlast’ van huisdieren van een ander? Rondlopende katten kunnen volgens persoon X heel vervelend zijn. Haar tuin wordt ondergescheten en ondergeplast en dat is ze zat. En ik snap dat. Immers: je probeert koste wat het kost je tuin schoon te houden en jij hebt niet voor de kat van de buren, de buren daarnaast of de achterburen gekozen. Nu ben ik al geen grote kattenliefhebbers, misschien scheelt dat. Maar het is wel jouw huisdier, dat buiten rondscharrelt, waar jij verantwoording over hebt. Of valt alles wat hij buiten uitvreet, buiten de verantwoording van het baasje? Prima, dan zijn loslopende honden die schade aanrichten ook geen probleem. Toch…? Jaja, want kattenliefhebbers, zo heb ik gemerkt, verdedigen hun kat 300%. “Binnen wordt hij ongelukkig”, “Het is de natuur”. Hopelijk heb ik hier kattenliefhebbers, die er voor gaan zorgen dat ik niet zo in hokjes hoef te denken als hier boven.

Onlangs kozen onze achterburen voor een huisdier. Geen kat, maar een hond. Wij kozen er niet voor en dus vinden we het niets dat die grote lobbes – hoe lief hij ook is – elke keer op onze vlonder staat of in het zand aan het graven is.   Lees verder…

“Zeg, hoe zit dat nu met die puppyverhalen?”

Ja, die vraag kreeg ik de laatste tijd heel wat n.a.v. mijn vorige blog. En ook Ferry liet wat vallen op Twitter en iedereen wilde weten hoe of wat. Nou, bij deze: we willen een pup. Zo’n wollige Page-pup die er met je toiletpapier van door gaat, maar dan net iets beter opgevoed zeg maar.

De voorliefde voor honden, en dan met name Golden Retrievers, zit er bij ons beiden allang in. Ferry wilde vroeger graag een pup en liet de honden van kennissen uit. Ik wilde ook graag, maar we waren altijd weg. Verstandig als mijn ouders waren kwam er geen hond. Maar als je diep in het hart van mijn vader had gekeken… Anyway, toen we samen gingen wonen, waren we het er over eens: er komt een hond.

Die liefde en wens is er altijd gebleven: voor lieve, sullige Quinten en ook na lieve, sullige Quinten. Maar met de ervaring van dat kleine mormel in ons hoofd, wilden we het rustig aan doen en alles goed overwegen.   Lees verder…

Allemaal beestjes

“Help, Laura! Een kakkerlak, haal hem weg.”, riep co-journalist F. toen we de eerste avond in onze lodge kwamen. Nu ben ik niet panisch, zoals zij, als ik een kakkerlak zie, maar ik vind ze ook niet fijn. Ze zijn vies, onberekenbaar en snel. En moeilijk weg te krijgen en deze was ook nog eens groot. En kroop in een hoekje. Waar is hij nu? Terwijl we stonden te kibbelen en ons als echte vrouwen gedroegen, vlogen we in eens een meter de lucht in. Co-journalist T. vond het leuk om keihard ‘boe’ te roepen. En bedankt!

Maar het waren niet alleen de kakkerlakken waar ik spontaan de kriebels van kreeg. Meer beesten in Suriname deden me rillen. Wat dacht je van muggen? In stedelijke gebieden – denk Paramaribo – heb je de zogenaamde denguemug (overdag). Deze kan knokkelkoorts overbrengen en je kunt je er niet tegen inenten. Dodelijk is het wel. Dus het enige wat je kunt doen is je insmeren met DEET. En zoveel mogelijk lichaamsdelen bedekken. En als controlfreak deed ik dat dan ook, ook al was het meer dan 30 graden. Maar toen ik na de vlucht en transfer even lag te relaxen op bed (met minder kleding aan) voelde ik wat op mijn arm. Als in een reflex schoot mijn andere arm op: PATS!

Bloedspetters all over mijn dekbed. Duidelijk te laat dus. Op mijn arm ontstond een grote vlek die al snel begon te jeuken. Ik ontleedde het kleine stukje mug dat nog over was. Gelukkig, geen streepje te zien.   Lees verder…

Ferry’s eerste keer

Voor mij was het niet de eerste keer. In Finland had ik het al mogen ervaren: paardrijden! Ik vind paarden lief, zo lang ze niet bijten zoals me ooit wel in Ponypark Slagharen overkwam. Ik vind het mooie statige beesten en zolang ik niet in galop hoef, vind ik het prima. Oh, en ik wil goede begeleiding. No way dat ik alleen met die beesten op pad ga! En nu? Nu was ik benieuwd hoe Ferry het zou vinden.

Na een redelijk lange tocht kwamen we aan bij Yxtaholm Slot, hotel nummer 3. Na snel onze koffers gedumpt te hebben in weer een geweldige kamer (later meer!) togen we naar de manege. Aan de late kant, maar als redacteur blijk je je dat te kunnen veroorloven. Gids Ella stond al op ons te wachten, samen met twee paarden. Lapszas (18 jaar) voor mij, en Explosive (8 jaar) voor Ferry. Klaar om het bos in te gaan!

Samen met Ella en nog een meisje van de manege gingen we het bos in. Stapvoets, en dat was snel genoeg vond Ferry, gingen we bergje op en af.   Lees verder…

Gastvrij Zweden

Het eerste beeld dat we van de Zweden kregen, was dat ze allemaal even gastvriendelijk waren. In tegenstelling tot de Fransen proberen ze wel met Engels uit de voeten te komen, ook al zijn ze er niet zo gedreven in. Ze zijn niet bang om een stap harder voor je te lopen en vertellen je graag alles over hun zo geliefde land. Dit beeld werd voor ons op deze zonnige vrijdagmorgen nog eens bevestigd.

Onderweg naar Flen, waar ons volgende hotel lag en waar we zouden gaan paardrijden, zagen we links van ons een mooi meertje liggen. Met een naar ons idee koffiehuis en een mooie hond voor de deur. En in de verte nog een oud mooi huis. Ferry vindt het fijn om tussen het rijden even zijn benen te strekken, ik om dan foto’s te maken. Ideale plek dus!

Ik stoof op mijn eerste doel af, die grote lobbes van een hond die daar lag. Het vriendelijke bazinnetje kwam ook onze kant op en we raakten in gesprek terwijl mijn camera klik-klak continue klik zei. Ik werd vriendjes met de hond, Tubo, die een Amerikaanse wolfhond bleek te zijn.   Lees verder…